Turboliquidatie malafide; de regeling is ongeschikt

Home / Blog / Turboliquidatie malafide; de regeling is ongeschikt
Turboliquidatie malafide; de regeling is ongeschikt

Turboliquidatie

Een turboliquidatie is een snelle manier om een vennootschap op te heffen, uitschrijving uit het handelsregister is al voldoende.
Wanneer een onderneming geen inkomsten meer genereert en in de toekomst geen inkomsten meer te verwachten zijn, dan heeft het voortzetten van de onderneming vaak geen zin meer.
Een simpele manier van opheffen is om de onderneming uit te schrijven uit het handelsregister nadat de vergadering van aandeelhouders daartoe besloten heeft. Wanneer er geen baten meer (te verwachten)zijn dan is dit mogelijk op grond van artikel 2:19 lid 4 BW.

Bestuurdersaansprakelijkheid

Een van de middelen die een schuldeiser heeft bij een turboliquidatie is om de bestuurders van de onderneming aansprakelijk te houden. Het stellen van bewijzen is een zo goed als onmogelijke taak blijkt uit de praktijk.

De wet kent een aantal specifieke bepalingen over bestuurdersaansprakelijkheid:
artikel 2:9 BW regelt de interne bestuurdersaansprakelijkheid van het bestuur jegens de rechtspersoon;
artikel 2:11 BW bepaalt dat de aansprakelijkheid van een bestuurder die rechtspersoon is, tevens hoofdelijk rust op ieder die ten tijde van het ontstaan van de aansprakelijkheid van de rechtspersoon daarvan bestuurder is: bestuurdersaansprakelijkheid werkt in principe door naar de uiteindelijk natuurlijk perso(o)n(en) met zeggenschap.
artikel 2:138 BW en 2:248 BW bepalen dat als in geval van faillissement blijkt dat sprake is van kennelijk onbehoorlijk bestuur, en als is gebleken dat dit een een belangrijke oorzaak is van het faillissement, het bestuur hoofdelijk aansprakelijk is voor het tekort in faillissement;
verder is bestuurdersaansprakelijkheid veelal ingevuld door de algemene bepaling van artikel 6:162 BW (onrechtmatige daad). Zo is in de jurisprudentie uitgemaakt dat wanneer het bestuur schulden heeft gemaakt op een moment dat men wist danwel behoorde te weten dat de vennootschap niet meer aan haar verplichtingen zou kunnen voldoen, onrechtmatig handelt jegens de daardoor gedupeerde bestuurder (en aansprakelijk is voor de daardoor geleden schade) .

In de meeste gevallen lijkt er aansluiting te zijn in deze specifieke bepalingen, maar een enkele rechtsgang behaalt
een daadwerkelijke aansprakelijkheid.

Voorontwerp voor wetswijziging 2020; meer verantwoording voor het bestuur

In de toekomst moet door het bestuur van een rechtspersoon meer verantwoording worden afgelegd bij een turboliquidatie. Zo wordt het bestuur verplicht om meer informatie te verstrekken om te verantwoorden dat een turboliquidatie noodzakelijk was.

Uit de brief van de minister blijkt dat de volgende maatregelen worden beoogd:
Het bestuur wordt verplicht om een slotbalans op te stellen en te deponeren, die vergezeld gaat van een bestuursverklaring waarom baten ontbreken en eventueel een slotuitdelingslijst. De slotbalans heeft betrekking op het boekjaar van de turboliquidatie en moet worden gedeponeerd bij het Handelsregister.

Het bestuur dient zorg te dragen voor een algemene bekendmaking van de ontbinding zonder vereffening.
Bij de bekendmaking moet worden vermeld dat de slotbalans met de jaarrekening ter inzage liggen bij het Handelsregister.

Tot slot dienen de jaarrekeningen over alle voorafgaande boekjaren openbaar gemaakt te zijn vóórdat de inschrijving van de verdwijnende rechtspersoon wordt doorgehaald in het Handelsregister. Uit de voorafgaande jaarrekeningen kan immers blijken of er eerder wel baten waren en zo ja, hoe het financieel verloop hiervan is.

De maatregelen hebben betrekking op de eindfase van een turboliquidatie, terwijl fraude vooraf voorkomen moet worden.
Een turboliquidatie blijft ook na aanpassing van de beoogde maatregelen malafide, de regeling is ongeschikt.

Bron:
Brief Tweede Kamer Turboliquidatie van rechtspersonen
Analyse (turbo)liquidaties

Deel dit nu via:Share on WhatsAppShare on FacebookTweetShare on Google+Share on LinkedIn